Wiskundigen denken al lang na over stemsystemen. In 1948, tijdens de Koude Oorlog, kreeg Kenneth Arrow de opdracht om een systeem te maken dat de individuele voorkeuren in de Sovjet-Unie combineerde. Arrow begon met een aantal redelijk klinkende eisen: er mag bijvoorbeeld geen dictator zijn - er is niet één persoon die de uitkomst bepaalt. Maar wat Arrow ook probeerde, het lukte hem niet om een systeem te verzinnen dat aan die paar zo vanzelfsprekend lijkende eisen voldeed. Na een paar dagen ploeteren kwam hij op het idee om het omgekeerde te bewijzen: als er minstens twee mensen en minstens drie keuze-opties zijn, dan bestaat er geen stemsysteem dat aan alle basiseisen voldoet. Leuk voor Arrow, hij promoveerde op dit werk en kreeg in 1971 de Nobelprijs voor Economie. Minder leuk voor de rest van de wereld, want hoe moeten we dan stemmen?
Bij deze WISEBIT zijn opdrachten beschikbaar om uit te printen voor klassikaal gebruik.
Hoe houd je een eerlijke stemming, bij een programma als Idols of bij het Eurovisie Song Festival? Denk aan de rol van het publiek en van de vakjury. Hoe moeten die zich tot elkaar verhouden?
Hoe houd je een eerlijke stemming over de invoering van de kilometerheffing? Welke rol moet een referendum daarin spelen? En de Tweede Kamer? Wie mogen meebeslissen?
Wilt u uw ervaringen met het klassikaal inzetten van de WISEBITS delen? Stuur dan uw bevindingen of vragen naar wisebits@iclon.leidenuniv.nl
Bij deze WISEBIT is ook een toelichting op de opdrachten beschikbaar. Ze zijn geschreven door docenten en gericht op het op het klassikaal inzetten van de WISEBIT. Klik hieronder om de toelichting te bekijken.