Als twee verschijnselen vaak samen voorkomen, kan er een niet benoemde onderliggende oorzaak zijn, die ervoor zorgt dat de beide verschijnselen vaak samen voorkomen.
Voorbeeld: mensen die meer bloemen in huis hebben leven langer.
Onderliggende oorzaak: bloemen zijn duur, en mensen met veel bloemen in huis zijn dus vaak wat welgestelder. Er is wél een echt oorzakelijk verband tussen welvarend zijn en gezond zijn (geld voor beter eten, betere gezondheidszorg, en lichamelijk minder zwaar werk).
Er is een correlatie tussen de verschijnselen, maar geen causaalverband.
Bij deze WISEBIT zijn opdrachten beschikbaar om uit te printen voor klassikaal gebruik.
Als twee verschijnselen vaak samen voorkomen, hoe kun je dan achterhalen of er een oorzaak-gevolg verband is of “alleen” een correlatie?
Je kunt je ook nog voorstellen dat er geen oorzakelijk verband is en ook geen feitelijke correlatie, maar dat het wel zo lijkt: twee gebeurtenissen vallen gewoon toevallig samen. Hoe zou je kunnen onderzoeken en vaststellen of het om werkelijke correlatie (of causaliteit) gaat?
Wilt u uw ervaringen met het klassikaal inzetten van de WISEBITS delen? Stuur dan uw bevindingen of vragen naar wisebits@iclon.leidenuniv.nl
Bij deze WISEBIT is ook een toelichting op de opdrachten beschikbaar. Ze zijn geschreven door docenten en gericht op het op het klassikaal inzetten van de WISEBIT. Klik hieronder om de toelichting te bekijken.